Waar kan ik terecht voor zorg?

Wij krijgen van veel mensen de vraag waar zij terecht kunnen voor zorg.

Er is helaas nog weinig expertise op dit gebied. Het kan daarom helaas zo zijn dat (de juiste) zorg krijgen moeilijk is. Maar ook zorgverleners zonder specifieke expertise kunnen toch veel betekenen. Verwijs jouw zorgverlener naar de informatie op onze website. De juiste informatie bij de juiste zorgverlener kan cruciaal zijn voor een proces ongeacht of er expertise is of niet. Veel zorgverleners willen juist leren, maar missen de handvaten en informatie. Bij vragen mogen zorgverleners ook contact met ons opnemen.

Vanwege de vele vragen hebben wij een overzicht* gemaakt van zorgverleners uit verschillende vakgebieden door heel Nederland:

Artsen:
Psychologie:
  • Dolly van de Wint
    Praktijk Andersopvoeden www.andersopvoeden.nl
  • Rianne van der Eijk Psychologieprakijk de Eik www.psychologiepraktijk-eik.nl
  • Jacqueline Janssen Psychotherapie Praktijk Malden https://www.psychotherapiemalden.nl/ Deze praktijk zoekt nog een psycholoog of psychotherapeut die opgeleid zou willen worden in het behandelen van deze methodiek (zie de website voor meer informatie).
  • IMH Nederland (tot 16 jaar) www.imhnederland.nl
Fysiotherapie:

Wij hebben helaas (nog) geen fysiotherapeuten met deze expertise in ons bestand.

Bij longproblemen door vroeggeboorte kan een longfysiotherapeut helpend zijn. Zij zijn opgeleid om diverse longaandoeningen te behandelen.

Bij veel ‘vage’ lichamelijk of psychische klachten kan een psychosomatisch fysio- of oefentherapeut helpend zijn. Zij zijn opgeleid om lichamelijke klachten te behandelen die veroorzaakt of verergerd worden door stress en emoties. Zij hebben geen expertise op vroeggeboorte, maar veel klachten van volwassen prematuren overlappen wel met andere veelvoorkomende stressgerelateerde klachten.

  • In Twente kan je bij het Netwerk Psychosomatiek Twente terecht: https://www.netwerkpsychosomatiektwente.nl/index.php
  • Landelijk is er het NPSN: https://npsn.nl/vind-een-therapeut/

Er kan ook per specialisatie gezocht worden:

Ergotherapie:

Wij hebben helaas (nog) geen ergotherapeuten met deze expertise in ons bestand.

Een ergotherapeut kan onder andere ondersteunen in het doen van activiteiten door het meekijken naar hulpmiddelen of de activiteit op een andere manier aan te leren.

Je kan hier zoeken naar een ergotherapeut:

Logopedie:

Wij hebben helaas (nog) geen logopedist met deze expertise in ons bestand.

Een logopedist onderzoekt, adviseert en behandelt mensen die problemen ervaren op het gebied van stem, spraak, taal, gehoor en slikken. Wij weten dat er preverbale logopedisten bestaan, echter behandelen zij voor zover wij weten alleen jonge kinderen.

Je kan hier zoeken naar een logopedist:

Somatic experiencing

Wij horen veel over Somatic experiencing (SE). Deze methode richt zich op het alsnog afronden van de natuurlijke reacties op ingrijpende gebeurtenissen en het begrijpelijk maken van gevoelens van onmacht en wanhoop. Door onverwerkte traumatische ervaringen raakt het natuurlijke ritme, de regulatie van het zenuwstelsel, verstoord. De veerkracht neemt af. Dit kan leiden tot allerlei fysieke, emotionele en psychische klachten. Door het integreren van die opgeslagen overlevingsenergie herstel je de van oorsprong aanwezige vitaliteit en veerkracht.

Deze methode kan mogelijk helpend zijn, er is binnen deze methode enige kennis en expertise over preverbale gebeurtenissen. Er zijn een paar casussen bekend over vroeggeboorte. Echter is dit per therapeut verschillend of deze kennis aanwezig is of niet. Wij adviseren wel om met een BIG geregistreerde therapeut aan de slag te gaan, bij voorkeur iemand met een fysio- of oefentherapeutische achtergrond.

Je kan hier zoeken naar een SE-therapeut

Ben jij een zorgverlener met expertise op het gebied van vroeggeboorte en wil jij in ons overzicht?

Neem dan contact met ons op:

* Wij hebben zelf geen ervaring met deze therapeuten. Wij adviseren echter wel om bij voorkeur te zoeken naar BIG-geregistreerde zorgverleners. Het is echter aan jou om een zorgverlener uit te zoeken bij wie jij je prettig voelt.

Rekenproblemen

Volwassen prematuren hebben een grotere kans op rekenproblemen.

Te vroeg geborenen zijn relatief gezien specifiek op academisch vlak (bijv. in taal en rekenen) minder sterk dan op tijd geborenen. Dit is met name te zien in taal- en rekenproblemen. (Litt, J. (2005))

Rekenvaardigheid bestaat uit diverse mentale processen die bestaan uit domein specifieke vaardigheden en algemene functies. Het domein specifieke vaardigheden zorgt voor het begrip van numerieke eigenschappen, feiten begrijpen en het uitvoeren van berekeningen. De algemene functies zorgt voor het werkgeheugen, aandacht, besluitvorming en dat iemand opeenvolgende mentale opdrachten uit kan voeren.

In het brein zelf zijn er interne netwerken (intrinsieke brein netwerken) die het brein op grote schaal organiseren. In het geval van prematuren zijn die consistent anders zelfs op volwassen leeftijd. Deze netwerken worden ook wel functionele netwerken genoemd omdat hun structuur in de ruimte van het brein overlapt met de netwerken die gebruikelijk actief zijn bij het uitvoeren van taken. Door vroeggeboorte worden deze functionele netwerken beïnvloedt waardoor de netwerken anders samenwerken. Toch kunnen de hersenen zich later gedeeltelijk aanpassen en dus compenseren  zodat het toch de aandacht bij de taak kan houden en deze kan uitvoeren.

In een onderzoek hebben ze te vroeg geborenen op 5, 8 en 26 jarige leeftijd onderzocht door een IQ test en een MRI scan. Er is onderzocht of er een associatie is tussen de rekenvaardigheden en of daardoor de mentale vaardigheden en de interne functionele netwerken van het brein zijn verandert door vroeggeboorte bij volwassenen. Uit dit onderzoek is gebleken dat de rekenvaardigheden zowel bij op tijd geborenen als bij prematuren de mentale uitkomsten en de organisatie van de interne functionele netwerken van het brein kan voorspellen. (Baüml, J.G. (2016))

Welke delen van het brein spreek je aan tijdens het rekenen?

Volgens onderzoek (Taylor, G. (2009)) zijn er verschillende delen van het brein die op hun unieke manier bijdragen aan de rekenvaardigheid:

  • Een gebied van de intrapariëtale sulcus (integreren en coördineren van functies zoals ruimtelijk inzicht en aandacht voor de ruimte)
  • Een gebied in de linker gyrus angularis (verantwoordelijk voor het verbaal verwerken van getallen. Symbolen worden herkend als letters en woorden)
  • Het posterieure superieure deel van het pariëtale systeem (verantwoordelijk voor de aandacht naar een specifiek punt in een ruimte richten)
  • Frontale brein gebieden zijn ook selectief geactiveerd bij rekentaken
Welke problemen ervaren prematuren in het rekenen?

De problemen met rekenen die veel prematuren ervaren wordt nog niet volledig begrepen. Het kan mogelijk wel een resultaat zijn van een aangetaste ontwikkeling van het brein. Daarnaast kan een verandering in de organisatie van het brein ook een mogelijke oorzaak zijn van rekenproblemen.

Er wordt verondersteld dat de rekenproblemen bij prematuren worden veroorzaakt door verstoringen in het domein specifieke vaardigheden en bij de algemene functies.

Bij dyscalculie (moeite hebben met rekenen) is er hoofdzakelijk sprake van een verstoring in de domein specifieke  vaardigheden. (Baüml, J.G. (2016))

Op het gebied van rekenen zijn de problemen met name aanwezig bij het optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en delen. Ook liggen er problemen in de visueel ruimtelijke vaardigheden zoals het inschatten van ruimte en afstanden.  

Kinderen met rekenproblemen zijn mogelijk vatbaarder voor problemen met schatting van grootte, geometrie, geld of het concept van tijd. Dit zou grote gevolgen hebben voor het lange termijn functioneren van de prematuur als volwassenen. Hier is nog weinig onderzoek naar gedaan. Echter horen wij wel verhalen over volwassen prematuren die dergelijke problemen ervaren.

Welke gevolgen hangen er aan rekenproblemen?

Moeite hebben met rekenen gaat vaak gepaard met specifieke zwakte op bepaalde cognitieve gebieden. Het kan met name op de volgende gebieden invloed hebben:

  • Visueel ruimtelijk
  • Het vermogen om zintuiglijke informatie (horen, zien enz.) te gebruiken om bewegingen aan te sturen
  • Uitvoerende functies zoals problemen oplossen.
  • Globale mentale verwerking (algemene structuur van een situatie begrijpen. Eerst het geheel daarna de details)
  • Motoriek en coördinatie
  • Het benoemen wat er op een plaatje staan
  • Perceptuele planning (waarneming gebruiken om acties of gedrag te plannen) (bijvoorbeeld reageren op een bal die op jou afkomt)
  • Verbaal werkgeheugen (het tijdelijk opslaan van verbale informatie zoals woorden en cijfers zoals instructie of een telefoonnummer)
Zijn er dingen die de rekenvaardigheid beïnvloeden?

Er zijn veel zaken van invloed op de rekenvaardigheden van prematuren:

  • Intraventriculaire bloedingen (bloedingen in de hersenkamers)
  • Chronische longaandoeningen (bij beademing tot ten minste 36 weken op de gecorrigeerde leeftijd)
  • Behandeling postnataal met steroïden
  • Necrotiserende enterocolitis (NEC) (infectie en inflammatie van de darmen)
  • Lange ziekenhuisopname als baby
  • Hoofdomtrek (een smallere hoofdomtrek is geassocieerd met lage rekenvaardigheid)
  • Retinopathie door vroeggeboorte (een oogaandoening die veel voorkomt bij prematuren)

Er zijn zelfs meerdere associaties gevonden van slechtere motorische vaardigheden bij prematuren (<34 weken) op 4 of 6 jarige leeftijd en een negatieve invloed op rekenvaardigheden op 8 of 12 jarige leeftijd. (Botting et al (1998)) (Mcgrath (2003))

Ook geboortegewicht speelt een rol. Er is een relatie tussen het geboortegewicht waarbij de scores van een rekentoets tussen 8 en 12-16 jarige leeftijd een grotere daling vertoonden bij een geboortegewicht van <750 gram. (Siagal et al (2000))

Kortom het vroeg signaleren van problemen op het gebied van rekenen is dus cruciaal. Om lange termijn gevolgen van rekenproblemen te verminderen is het belangrijk om het op tijd te signaleren en de rekenvaardigheid te verbeteren.

Rekenproblemen
Bibliografie:
  • Litt, J., Taylor, H.G., Klein, N., Hack, M. (2005) Learning disabilities in children with very low birthweight: prevalence, neuropsychological correlates, and educational interventions.
  • Botting, N., Powls, A., Cooke, R.W., Marlow, N. (1998) Cognitive and educational outcome of very-low-birthweight children in early adolescence.  
  • Sullivan, M.C., McGrath, M.M. (2003) Perinatal morbidity, mild motor delay, and later school out comes.
  • Saigal, S., Hoult, L.A., Streiner, D.L., Stoskopf, B.L., Rosenbaum, P.L. (2000) School difficulties at adolescence in a regional cohort of children who were extremely low birthweight.
  • Taylor, H.G., Espy, K.A., Anderson, P.J. (2009) Mathematics deficiencies in children with very low birth weight or very preterm birth.
  • Bäuml, J.G., Meng, C., Daamen, M., Baumann, N., Busch, B., Bartmann, P., Wolke, D., Boecker, H., Wohlschläger, A., Sorg, C., Jaekel, J. (2016) The association of children’s mathematic abilities with both adults’ cognitive abilities and intrinsic fronto-parietal networks is altered in preterm-born individuals.

Onhandigheid door vroeggeboorte

Volwassen prematuren merken dat zij onhandig zijn. De mate waarin verschilt per persoon en natuurlijk heeft niet iedere prematuur hier last van. Degenen die er wel last van hebben merken duidelijke verschillen tussen zichzelf en mensen die op tijd zijn geboren.

Onhandigheid uit zich in de motoriek oftewel hoe je beweegt. De wetenschap toont ook aan dat er een verschil is tussen prematuren en niet prematuren op het gebied van motoriek. Je hebt de fijne motoriek die je gebruikt bij de precieze taken zoals veter strikken en schrijven. Daarnaast heb je de grove motoriek die je gebruikt bij de minder precieze taken zoals lopen en rennen. Uit onderzoek is gebleken dat prematuren gemiddeld iets langzamer bewegen en een minder goede handvaardigheid hebben dan mensen die op tijd zijn geboren. Bij de grove motoriek zijn er onder andere problemen met de balans. Deze problemen ontstaan vaak al op jonge leeftijd en blijven ook op volwassen leeftijd aanwezig. *

De oorzaak van de onhandigheid is dat iemand zijn of haar  motoriek niet goed heeft kunnen ontwikkelen. Dit kan enerzijds komen door eventueel hersenletsel. Anderzijds kan het ook te maken hebben met de witte stof in het brein.* Door bijvoorbeeld een te laag geboortegewicht kunnen er afwijkingen ontstaan van de witte stof in diverse gebieden in het brein. Verder kunnen er verstoringen zijn in de organisatie en verbindingen van zenuwvezels.** De verminderde snelheid in het bewegen kan mogelijk komen door een minder goede connectie tussen de netwerken in het brein die de motoriek verzorgen.

Hierom is het belangrijk om problemen bij het bewegen vroeg op te sporen. Deze problemen ontstaan al in de jeugd en blijven ook bij volwassenen aanwezig. Verder is het belangrijk om te kijken naar bijvoorbeeld een sport of activiteit die past bij de manier waarop iemand beweegt. Indien nodig kunnen bijvoorbeeld fysiotherapeuten hierin ondersteunen.

* Husby I. M., Skranes J., Olsen A., Brubakk A.M., Evensen K.A. (2013). Motor skills at 23 years of age in young adults born preterm with very low birth weight.

** Skranes J., Vangberg T.R., Kulseng S., Indredavik M. S., Evensen K.A., Martinussen M., Dale A.M., Haraldseth O., Brubakk A.M. (2007). Clinical findings and white matter abnormalities seen on diffusion tensor imaging in adolescents with very low birth weight.

Onhandigheid door vroeggeboorte