Altijd moe en een tekort aan energie?
Veel volwassen prematuren hebben minder energie, ondanks dat zij voldoende rust nemen. Hierdoor is het voor deze groep vaak lastig om te voldoen aan alle verwachtingen van de omgeving en moet iemand keuzes maken.
Hoe werkt het?
Je kan het lichaam zien als een batterij. In de ideale situatie begint onze batterij helemaal vol op 100%. Gedurende de dag gaat iemand dingen doen zoals bijvoorbeeld het huishouden, werken of sporten. Deze taken kosten energie en zorgen ervoor dat de batterij leegloopt. Bepaalde taken kosten meer energie dan andere taken en zorgen er ook voor dat de batterij sneller leegloopt. In de ideale situatie zal je aan het einde van de dag moe zijn, maar nog voldoende reserves hebben. Deze reserve is belangrijk, want als er zich toch een onverwachte situatie of taak voordoet is deze nog goed vol te houden.
Bij een langdurige overbelasting of in het geval van veel volwassen prematuren begint deze batterij vaak al op een lagere stand. In sommige gevallen kan het voor iemand zelfs als 50% of lager aanvoelen. Ook in dit geval zal iemand bepaalde taken op een dag moeten doen. Als dat het geval is zal iemand sneller aanspraak moeten maken op zijn reserves. Deze persoon zal aan het einde van de dag ook moe zijn, maar heeft dan ook geen reserves meer voor de onverwachte taken of situaties. Als deze situatie zich langdurig voordoet en iemand zich blijft overvragen is er te weinig rust om enige vorm van reserve op te bouwen. Hierdoor komt iemand in de overleefstand en is het lichaam puur bezig met overleven en staat het lichaam onder stress. Deze stand is niet helpend en zal ook niet zorgen voor rust en reserves.
Maar hoe komt het?
Er is geen duidelijk eenzijdig antwoord over wat de oorzaak is bij volwassen prematuren. Er zijn wel verschillende zaken die kunnen bijdragen aan een gebrek in energie. Daarnaast kunnen oorzaken ook in het leven op dit moment liggen. Zo kunnen ziekte, overspanning, slecht slapen, hormoonafwijkingen etc. ook oorzaken zijn van een gebrek aan energie die niet perse te maken hebben met vroeggeboorte. Blijf daarom ook alert op wat er op dit moment speelt en schakel op tijd hulp in van bijv. de huisarts.
Het zenuwstelsel:
Mogelijk kan het zenuwstelsel een deel van de oorzaak zijn. Bij volwassen prematuren is het zenuwstelsel namelijk anders ontwikkeld en reageert het sneller op o.a. stress. Als iemand langdurig stress ervaart staat het lichaam in een overleefstand. Deze stand kost veel energie waarbij het lichaam dus puur bezig is met overleven. Langdurig in deze stand staan zorgt ervoor dat de batterij langzaam leegloopt en niet meer aanvult, omdat rust zeer lastig te ervaren is.
Het rustmetabolisme ook wel Resting Energy Expenditure (REE):
De Resting Energy Expenditure (REE) kent vele namen en is in Nederland beter bekend als het rustmetabolisme (stofwisseling in rust) of het energieverbruik in rust.1
Kortom hoe hard het lichaam moet werken om in leven te blijven.
Het rustmetabolisme draait om de hoeveelheid energie die een persoon gebruikt om in leven te blijven wanneer iemand in mentale en fysieke rust is. In gezonde volwassenen consumeert het lichaam in deze staat van rust ongeveer 1kcal/kg van het lichaamsgewicht per uur. Er zit ook een verschil per lichaamsdeel. Zo vormen de lever, de darmen, de hersenen, de nieren en het hart ongeveer 10% van het totale lichaamsgewicht, maar vragen zij ongeveer 75% van het rustmetabolisme. De spieren vragen ongeveer 20% van het rustmetabolisme, maar representeren 40% van het lichaamsgewicht. Tot slot vraagt vetweefsel minder dan 5% van het rustmetabolisme, maar representeert het gebruikelijk meer dan 20% van het lichaamsgewicht.2
Diverse studies hebben onderzoek gedaan naar de invloed van voeding in de eerste weken op het rustmetabolisme in het volwassen leven. Hier zijn prematuren met een te laag geboortegewicht vergeleken met op tijd geborenen.
Zo blijkt dat de voeding in de eerste drie weken het meeste invloed had op de latere effecten. Wanneer baby’s in de eerste drie weken meer calorieën, eiwitten en vet kregen hadden zij als volwassenen een lager rustmetabolisme. Het lichaam hoefde dus minder hard te werken om in leven te blijven. Wanneer er gekeken werd naar de voeding in week 4 tot 9 had dit minder invloed. Een deel van de uitkomst is tot stand gekomen door de vroege groei, maar het totale effect kwam hoofdzakelijk door het directe effect van de vroege voeding.3
Uit een andere studie die te vroeg geborenen onderling vergelijkt blijkt dat een hogere vet en proteïne inname zorgde voor een hogere totale rustmetabolisme en lager rustmetabolisme per volledig lichaamsgewicht. Kortom zorgt ondervoeding in het vroege leven ervoor dat het metabolisme op latere leeftijd hoger is en er dus meer energie nodig is om te overleven.4
Ook is er onderzoek gedaan naar volwassen prematuren met een te laag geboortegewicht waaruit blijkt dat hun rustmetabolisme per lichaamsgewicht hoger is dan bij op tijd geborenen. Sociaal-economische status, leefstijl, vetpercentage, roken had hier geen invloed op. Het is mogelijk dat prematuren op metabool (stofwisseling) vlak meer actief weefsel hebben. Dit kan uiteindelijk een positief effect hebben op het voorkomen van overgewicht en daarmee ook diverse chronische aandoeningen die daarmee gepaard gaan.5
Samengevat is de stofwisseling in rust bij volwassen prematuren afhankelijk van de voeding in de eerste drie weken. deze is in vergelijking met op tijd geborenen hoger. In de basis verbruikt de volwassen prematuur in rust dus al meer energie. Hier komen alle andere taken nog bovenop.
Slaap: ademhaling in slaap
Slaap kan ook van invloed zijn op het energieniveau. Slecht slapen kan diverse oorzaken hebben. Het kan komen door stress, schermgebruik, onregelmatig werken, slaapapneu (ademstops). Volgens onderzoek hebben volwassen prematuren een grotere kans op snurken, ademproblemen door longschade en andere slaap verstorende ademproblemen. Hierdoor kan er meer vermoeidheid gedurende de dag voorkomen.6
Aandoeningen als gevolg van vroeggeboorte:
Verder kunnen andere aandoeningen zoals longschade door vroeggeboorte, hersenschade, hartklachten en diverse andere aandoeningen die voortkomen uit de vroeggeboorte zorgen voor meer een hoger energieverbruik. Het lichaam moet al meer moeite doen om de simpele taken te volbrengen, wat natuurlijk meer energie kost dan normaal.
Wat kan je eraan doen?
Er zijn veel verschillende mogelijkheden om aan het energieniveau te werken. Dit kan samen bijvoorbeeld met een psychosomatisch therapeut of een slaapoefentherapeut. Het is in ieder geval belangrijk om lichamelijke oorzaken uit te sluiten en bij twijfel altijd de huisarts te raadplegen. Daarnaast kan het goed zijn om met de omgeving over het energieniveau te praten en deze mensen mee te nemen in wat er wel en niet mogelijk is. Ook voor de volwassen prematuur zelf is het goed om de eigen grenzen te leren herkennen, al kan dit vaak lastig zijn.
Praktisch gezien kan regelmatig prikkelarm (dus geen telefoon of televisie) rust nemen al helpen, zeker in combinatie met een oefening zoals autogene training. Dit is een ontspanningsoefening waarin jouw lichaam opdrachten krijgt zoals dat het warm en zwaar mag aanvoelen. Voor deze oefening is het alleen belangrijk om te luisteren en het lichaam weet automatisch wat het moet doen. Ook andere oefeningen kunnen helpend zijn. Bepaalde oefeningen zoals autogene trainging kunnen helpen om de batterij op te laden. Door de oefening regelmatig te doen en regelmatig rust te nemen kan je reserves opbouwen in de batterij. Dit zorgt ervoor dat je meer energie krijgt en overhoud aan het einde van de dag.
Hieronder vind je de oefeningen:

Bronnen:
- Richtlijn voeding op de IC bij volwassenen (2024): https://richtlijnendatabase.nl/richtlijn/voeding_op_de_intensive_care_bij_volwassenen/energiemetabolisme_monitoren.html
- Mason, J. B. (2010) Nutritional assessment and management of the malnourisched patient. Uit: Sleisenger and Fordtran’s Gastrointestinal and Liver Disease.
- Matinolli H. et al. (2017) Neonatal Nutrition Predicts Energy Balance in Young Adults Born Preterm at Very Low Birth Weight.
- Matinolli H. et al. (2015) Early Protein Intake Is Associated with Body Composition and Resting Energy Expenditure in Young Adults Born with Very Low Birth Weight.
- Sipola – Leppänen, M. (2011) Resting Energy Expenditure in Young Adults Born Preterm—The Helsinki Study of Very Low Birth Weight Adults.
- Sanchez-Solano, N. J. et al. (2025) Sleep-disordered breathing in a multiethnic cohort of preterm adoscelents and adults: assessment of neonatal and subsequent risk factors.

